Noël Slangen - Home

Columns

Twijfel past niet in cowboylaarzen

Het Nieuwsblad, 24 september 2004

 

Bush gebruikt strijd tegen terreur als campagnewapen

Zou het te doorzichtig zijn als George W. Bush net voor de verkiezingen Bin Laden zou vinden? De Amerikaanse presidentsverkiezingen gaan niet over de slabakkende Amerikaanse economie of de gezondheidszorg. Neen, ze gaan over terreur, terrorisme en Irak. Zijn critici stellen dan ook dat Bush voor terreur als strategie gekozen heeft. Geen enkel communicatieplan voorziet in de onthoofding van eigen staatsburgers. Of in bomaanslagen op Amerikaanse legerposten. Nooit vielen er zoveel Amerikaanse slachtoffers in Irak dan sinds Bush met bombarie het einde van de oorlog afkondigde.

Tijdens de strijd om de democratische nominatie kreeg Bush het dan ook moeilijk. Mee door de aanwezigheid van generaal Clarke, een ondubbelzinnige tegenstander van de inval. Zijn populariteit daalde tot een historisch dieptepunt. Zelfs de sigaar van Clinton maakte minder brokken.

Bush sloeg op aanraden van zijn adviseurs een voorzichtig mea culpa. Zijn campagneteam trok alle registers open om Irak van de verkiezingsagenda af te voeren. Tevergeefs, want de tegenstander had bloed geroken. En John Kerry, die de democratische presidentsnominatie in de wacht sleepte, nam op dit elan een sterke start.

Kerry deed het goed in de polls, terwijl Bush zwom in de eigen verklaringen. Ja, het was een vergissing. Neen, hij zou dezelfde beslissing opnieuw nemen. Twijfel en zelfkritiek passen niet in cowboylaarzen. Pas toen Bush voluit opnieuw de anti-terreurkaart trok en alle twijfel uit zijn discours bande, nam hij de leiding in de peilingen. Kerry heeft de twijfelende rol overgenomen. Hoe kon dit gebeuren?

Domme Amerikaan

Het in twijfel trekken van Kerry's militaire verdiensten was niet de meest fatsoenlijke zet van het Bush-team. Maar het werkte wel. Kerry had zelf de aanval op Bush ingezet omdat die tijdens de oorlog in Vietnam van onder de dienstplicht uitgeglipt was. Na de tegenzet van Bush maakte Kerry de onvergeeflijke fout in te gaan op de aanval van de tegenstander. Fout, want de voortdurende verdediging dat hij wél een oorlogsheld was, leek iets te sterk op het verhaal dat hij eerst in de Senaat vóór de inval had gestemd en zich nu opwierp als tegenstander. Een strategie waarin hij zou stellen dat hij, net zoals het Amerikaanse volk, door Bush was misleid en belogen, had beter gewerkt.

Bush maakte van zijn zwakte een sterkte, en van terreurbestrijding een verkiezingsstrategie. Hij cultiveert niet voor niets het beeld van de domme slimmerik. Ook dat is de American dream: een president die niet intelligenter is of meer weet dan de gemiddelde Amerikaan. Maar die vooral beslister is.

Maar Bush heeft nog niet gewonnen. Het thema is bekend, maar de laatste rechte lijn kan voor verrassingen zorgen. Zoals Bin Laden vinden. Of komt er nog een onaangename verrassing, met zware Amerikaanse verliezen? Als Bush het goed weet te brengen, kan zelfs een negatieve gebeurtenis een opstapje zijn naar een heruitgave van zijn presidentschap. Voor iemand die door handige communicatie in staat was het presidentschap te verwerven met minder stemmen dan de tegenkandidaat, is Irak klein bier.