Noël Slangen - Home

Columns

Join(t) Louis

Bonanza, 7 februari 2001

 

Louis Tobback noemt deze regering de ‘Cannabiscoalitie’. De burgemeester van Leuven is in zijn wiet geschoten. Dat het erg gesteld is met onze beschaving wist Louis al. Maar dat hij het einde van die beschaving nog mee moet maken, is er echt teveel aan. Als Louis Tobback een joint ziet, gaat hij er voor liggen.

Louis Tobback is een gematigd man. Hij ziet heel wat positieve elementen in deze regering. Vande Lanotte, Van den Bossche, Vandenbroucke… Natuurlijk hebben deze ministers iets gemeen met elkaar : hun naam begint telkens met ‘Van’. Zoals in ‘Van dezelfde partij als Louis’. Maar het zit Louis Tobback niet mee. Blijkbaar moesten de 3 Van’s net op hetzelfde moment naar het toilet, want toen ze gedrieën terug de ministerraad binnenkwamen, had Magda Aelvoet al toegeslagen. De toeter die Magda nog net voor het toiletbezoek had opgestoken, had op hun blaas gewerkt. En toen ze terugkwamen was de drugnota goedgekeurd. En cannabis gelegaliseerd.

Nadat het slechte nieuws was overgebracht, daverde het Leuvense stadhuis in die mate op zijn grondvesten dat de gevelbeeldjes met tientallen uit de nissen vielen. Of ze nu helemaal gek geworden waren, daar in Brussel. Tobback herinnerde de boodschapper, wiens naam wij hier zedig verzwijgen, niet alleen aan zijn afkomst, maar ook aan VanQuickendinges. Dat stuk onbenul (dixit Louis) dat met zijn witte paraplu ooit de huisvrede ten huize Tobback durfde verstoren, en zich sindsdien vooral liet opvallen door met joints te zwaaien in de senaat. De boodschapper probeerde de aandacht nog af te leiden door van onderwerp te veranderen. Of Louis dan niet wist dat die VanQuickendinges binnenkort misschien een kameraad zou worden als Bert Anciaux de lokroep van Steve zou volgen en naar de SP zou komen. Louis Tobback zag nu, als haremdanseressen, alle mogelijke kleuren versmelten voor zijn ogen : een ervaring waar een marihuana-gebruiker enkel van kan dromen. Het zou niet waar zijn ! In het oord des verderfs zelf, de Belgische senaat, zou Louis zich verzetten tegen deze belachelijke wet. Hij zou, in de voetsporen van wijlen Koning Boudewijn, zijn geweten volgen. En hij, product van een partij met een partijtucht die met hoofdletters geschreven wordt, zou tegenstemmen !

Wij verlaten Louis Tobback, terwijl hij breed armzwaaiend bovenop zijn burgemeestersbureau staat en met het laatste zijner krachten roept : ‘Kameraden, join Louis tegen de joint !’. Ik heb nooit geblowd, en ik voel dat niet aan als een gemis. Als ik mag kiezen, zou ik liefst hebben dat mijn kinderen ook nooit marihuana roken. Maar wij mogen niet hypocriet zijn. Iedere inval in een discotheek levert een dansvloer vol weggeworpen XTC op. Chemische drugs zijn verkrijgbaar op scholen alsof het tic-tac-jes zijn. De kans dat je kind in zijn tienerjaren al eens drugs gebruikt, is 1 op 4 en nog stijgend. In die omstandigheden maak je je niet druk om marihuana, maar streef je ernaar om drugs bespreekbaar te maken. Bespreekbaar in de maatschappij, in de politiek, op school en in het gezin. En je maakt iets niet bespreekbaar door te doen alsof je van de maan komt. Voor deze regering is gebruik door minderjarigen nog steeds strafbaar. Maar als het ergste dat mijn kinderen ooit zullen doen een joint blowen is, zal ik zeer tevreden zijn.