Noël Slangen - Home

Columns

Café Racismo. Zo werkt alledaags racisme.

De Morgen, 11 augustus 2007


Naarmate men mij meer in opspraak brengt, krijg ik betere tafels in restaurants. Maar misschien heeft dat wel met mijn kleur te maken. Enkele weken geleden werd een van mijn beste vrienden namelijk de toegang geweigerd tot een restaurant in de Hasseltse binnenstad. Van Mexicaans restaurant transformeert deze zaak in de latere uurtjes in een hippe bar. Vanaf dat moment posteren zich twee kleerkasten voor de ingang die doen alsof ze de Amerikaanse president bewaken. Die kleerkasten hielden enkele koppels die iets wilden gaan drinken tegen, omdat een van hen, mijn vriend dus, van Marokkaanse afkomst is. Sinds ik dit weet, zeurt er een misselijkmakend gevoel in mijn binnenste. Dit is een zaak waar ik verjaardagen van mijn kinderen gevierd heb, middenin het Hasselt waaraan ik zo verknocht ben. Als het daar al kan, wat moet het dan niet elders zijn?

Een kennis van Marokkaanse afkomst was opgegroeid in een witte wijk en was daar bij de scouts. Toen hij later zelf leider werd van een groepje allochtone scouts leek het hem een goed idee om het ruilspel te doen, waarbij je iets probeert te ruilen voor iets waardevoller. Je begint met een appel en eindigt met een dekbedset bijvoorbeeld. De groep eindigde vooral met dichtgeslagen deuren. De jongetjes lachten dat hun leider wel een heel zotte moest zijn om met zo’n onmogelijk spel te komen. Als ze wat ouder zijn beseffen ze dat het niets met het spel te maken heeft. De lachende gezichtjes hebben dan misschien plaatsgemaakt voor intimiderend machogedrag.

Racisme hoeft niet ingeworteld te blijven. Hoopgevend is de manier waarop de Vlaming staat tegenover homoseksuelen. Paars koos ervoor om niet het Volksempfinden te volgen maar om eerst het homohuwelijk en vervolgens adoptie door homoseksuelen toe te staan. Vandaag staat een meerderheid van de bevolking achter het recht voor mensen van hetzelfde geslacht om te huwen en steeg de goedkeuringsgraad voor adoptie – ook door twee vaders – met maar liefst 10 procent. Bij het andere vooroordeel racisme is de vraag waar je moet beginnen. De overheid kan steeds het voorbeeld geven, zoals in haar aanwervingspolitiek. Of door de overvloed aan remmen op uitzendarbeid op te ruimen. Want uit de praktijk blijkt dat nieuwe Vlamingen daar wél goed aan bod komen en zelfs vaak een vaste job vinden. Blijkbaar opent de werkvloer zich gemakkelijker voor Achmed als tijdelijke kracht, om te ontdekken dat er weinig verschil is tussen Jan en Achmed.

Het zou daarentegen ontzettend onverstandig zijn om nepsollicitanten in te zetten tegen bedrijven. Dat is niet alleen een onnodig en kostelijk tijdverlies voor bedrijven, maar het creëert bovendien een structureel wantrouwen tegenover allochtone sollicitanten. Een minimum aan statistische analyse leert dat er wel degelijk gediscrimineerd wordt bij aanwervingen. Helaas, en ondanks de waardevolle inspanningen van Unizo terzake, vooral in KMO’s. Kifkif en de Liga versterken met nepsollicitanten echter hetgeen wat ze bestrijden. Het laatste wat je mediterrane Vlamingen moet aandoen is dat ze ook nog eens afgerekend worden op vermeend nepsollicitant zijn. En wat is de impact op het zelfvertrouwen van allochtone sollicitanten als je hier teveel poespas rond maakt? De kans dat je afgewezen wordt bij een sollicitatie is een kans van 5 tegen 1 of 60 tegen 1, afhankelijk van de aantrekkelijkheid van het bedrijf. Is het echt onze bedoeling dat iedere afgewezen nieuwe Vlaming de moed laat zakken omdat hij ervan uitgaat dat het wel met zijn afkomst te maken zal hebben? Dat is het fundamentele verschil met een dancing of bar, namelijk dat bij een sollicitatie afgewezen worden de meerderheid overkomt, ongeacht etni.

Racisme los je niet op in zwart-wittermen. Natuurlijk zijn er problemen die meer voorkomen bij bepaalde bevolkingsgroepen. De redenen zijn veelvuldig. Maar er is geen gen dat ervoor zorgt dat Nederlanders meer kabaal maken in Antwerpen, Vlamingen hun schilderwerken in het zwart laten doen of Marokkaanse jongeren meer in groep zijn. De veralgemening klopt per definitie niet.

Enkele zure hoeken schuiven alles maar in de schoenen van de politiek-correcte lobby, die de samenlevingsproblemen zou miskennen. Natuurlijk zijn die er, net zoals je die hebt als je een dancing en een bejaardentehuis dicht bij elkaar hebt. Maar had het probleem van mijn vriend aan de ingang van dit Hasselts Mexicaans restaurant te maken met gebrek aan integratie? Oordeel zelf: hij is getrouwd met een Vlaamse, heeft een voortuin, lust bier maar nog liever goede wijn. Bovendien is hij sinds ’99 Vlaams parlementslid, was hij gemeenschapssenator, is hij de organisator van Rimpelrock waar tienduizenden zestig- en zeventigjarige oma’s hem op handen dragen, en zorgt hij met Pukkelpop dat 140.000 muziekliefhebbers, waaronder misschien jullie kinderen, een prachtig weekend beleven. Internationale artiesten waarover wij enkel in de boekjes lezen mag hij bij de voornaam aanspreken. En het zou me zelfs niet verbazen als hij de Brabançonne kent.