Noël Slangen - Home

Columns

Hasselt heeft slechts toekomst mét een universiteit.

De Morgen, 27 mei 2006

 

Walter Pauli stelde in deze krant dat Universiteit Hasselt, net als enkele anderen, best met de grond gelijk gemaakt wordt. En dat men zich moet hergroeperen rond Leuven en Gent. Om meerdere redenen is dat een onzalige gedachte.

Een sterk hoger onderwijs, opgebouwd rond een universiteit, is een conditio sine qua non voor de ontwikkeling van een regio. Het heeft een rechtstreekse impact op cultuuraanbod, intellectueel weefsel en last but not least de creatie van een sterke kennisgedreven economie. Zonder herleidt men Limburg tot een soezende groene slaapstad. Een beetje zoals de groene rand rond Antwerpen, maar dan groter.

Natuurlijk moet de Limburgse jeugd niet in Hasselt studeren. Ze horen overal te studeren, in binnen- en buitenland. Maar ze zullen maar gestimuleerd worden dat te doen als ze opgroeien in een omgeving waar kennis leeft en bruist. Net daarom heeft Hasselt nood aan een unieke invulling van haar Universiteit, zodat die studenten uit heel Vlaanderen en ver daarbuiten kan aantrekken. Een Limburgse universiteit dient niet zomaar om achtergestelde sociale groepen op te vangen, maar is een onmisbaar instrument om die groepen te stimuleren en te inspireren.

Critici hebben gelijk als ze zeggen dat er onvoldoende hogescholen in de Limburgse associatie zitten. Maar die kritiek is ook oneerlijk. De belangrijkste reden hiervoor is immers dat de Leuvense rector Oosterlinck het nodig vond om kost wat kost de Katholieke Hogeschool Limburg binnen te rijven. Deze ideologisch geïnspireerde verovering illustreert trouwens het belangrijkste argument voor een Limburgse Universiteit. In tegenstelling tot de universiteiten van Brussel en Gent overstijgt de Universiteit Hasselt namelijk religieuze, ideologische en politieke grenzen. Universiteit Hasselt is niet vàn iemand of vàn een kleur, ze is vàn de Limburgers. Antwerpen en Limburg zouden daarom trouwens beter samen werken. Maar als ik het goed begrijp, wil men het nieuwe Universitaire landschap modelleren naar het beeld van Belfast of Korea: één Katholiek blok – waar katholiek nog met een grote K geschreven moet worden – en één vrijzinnig blok, waar studenten leren hoe ze gekke handjes moeten geven. Ligt het aan mij dat dit een stap terug lijkt?

Dat Universiteit Hasselt niet de meest sexy academici heeft, daar ben ik het overigens mee eens. Dat ligt gedeeltelijk aan de exacte werkdomeinen, die nu eenmaal minder sex-appeal hebben. Niet het soort wetenschappers waarmee je Woestijnvisprogramma’s vult. Anderzijds kampt Hasselt, net zoals Leuven, met een degelijk maar wat ingeslapen corps dat het credo ‘Doe maar gewoon, dat is al gek genoeg’ huldigt. Het probleem is dat Leuven zich dat kan permitteren, maar voor Hasselt is dat dodelijk. Hasselt moet meer doen, meer durven en innovatief zijn, zoals de stad wiens naam ze nu draagt. Daar is nog werk aan, maar ik twijfel er niet aan dat het moment zal komen dat ergens een commentator zich erover zal beklagen dat Universiteit Hasselt professoren heeft die teveel in de kijker lopen, te onconventioneel en baanbrekend zijn en teveel op televisie komen. Wat men elders ‘gezonde geldingsdrang’ noemt, wordt in het geval van Limburg nog te vaak als ‘provincialisme’ bestempeld. Hoog tijd dat we van die term een eretitel maken.