Columns
Het gat in onze cultuur. De roep om een cultuurzender.
Kan cultuur de wereld redden? Cultuur zal alvast de VRT niet meer redden. Het plan om onder de vleugels van de VRT een volwaardige cultuurzender te starten werd de afgelopen dagen ten grave gedragen. Een digitaal cultuurkanaal was het breekijzer waarmee Tony Mary de politiek wilde bewegen tot meer middelen voor de VRT. Dit kanaal was de voorhoede voor zijn digitale plannen. Met Mary verdwijnen nu ook die plannen uit de Reyerslaan. En moeten we daar nu om rouwen?
Een cultuurzender is een product dat typisch bovenaan het verlanglijstje staat van mensen die niet graag televisie kijken. Er bestaat niet zoiets als dé cultuur. Cultuur is een breed begrip waarin evenveel smaken, benaderingen en stijlen in thuishoren als dat er soorten eten zijn. Waar zou zo’n cultuurzender bijvoorbeeld de grens moeten trekken? Moeten bepaalde onderwerpen uit de rode loper er ook in kunnen? Of gaan we voor iets als Klara met beeld?
De norm wordt bij cultuur uitgemaakt door de elitaire minderheid die nu al de talloze adviescomités bevolkt. De enige reden waarom die elite zich op cultuur werpt alsof het haar onvervreemdbare eigendom is, komt omdat er te weinig cultuur in Vlaanderen is. Cultuur zou net zo vanzelfsprekend moeten zijn als brood, water of licht.
De economische, sociale en emancipatorische kracht van cultuur wordt sterk onderschat. Het belangrijkste criterium dat gehanteerd wordt is de participatiegraad, namelijk hoeveel mensen gaan er naar kijken. Deze consumptiegedreven benadering gaat volledig voorbij aan de indirecte effecten van cultuur. Het is alsof je in een gebouw alle ramen waaruit niet genoeg mensen kijken zou dichtmetselen. Daarmee alle licht buitensluitend en architectuur onmogelijk makend. Cultuur heeft in een samenleving ook impact op diegenen die niet participeren. Als je twee identieke steden neemt met als enige verschil dat in de ene een gerenommeerd operahuis staat, zal het effect op die stad groter zijn dan enkel op het publiek dat naar de opera gaat. Zo’n stad zal een ander soort bewoning aantrekken, zal dankzij de uitstraling een andere economie ontwikkelen en een leerkracht voor een klas zal in sommige lessen andere voorbeelden geven. Of we nemen een tweeling, identiek maar gescheiden bij de geboorte. Beide lezen niet als kind, maar de ene groeit op in een huis vol boeken, en de ander in een huis waar geen boek te bekennen is. Zou er na verloop van tijd een verschil kunnen optreden? Een verschil in gedrag, zelfbeeld of de latere interesses?
Een aparte cultuurzender is ook gebouwd op de actieve participant; enkel de overtuigden komen er terecht. Cultuur zou daarentegen als vanzelfsprekendheid in iedere vezel van ons leven aanwezig moeten zijn. Vandaag is dat bijvoorbeeld het geval met voetbal, terwijl er ook heel wat mensen zijn die niets van voetbal moeten weten. Toch zit er voetbal in het journaal, in deze krant, in ‘de Zevende dag’, op de affiches die de straat sieren en zelfs in mode, zoals bij Bikkembergs. Het bestaan van voetbalzenders of het feit dat je voetbalmatchen op aanvraag kunt bekijken, leidt er niet toe dat er minder voetbal in de andere media zit. Kunnen we niet hetzelfde doen met cultuur?
Maar we moeten dan wel uitkijken voor die andere val. Ik hou niet van voetbal, maar niemand zal mij van dienst zijn door de verslagen te laten brengen door stand-up comedians, gekke muziekjes achter doelpunten te zetten of een match te laten analyseren door Loes Van den Heuvel. Want dat is wat de meeste zenders met cultuur doen.
Print deze pagina