Columns
Vraag van Jos Geysels
Dag Noël
Ga je nog naar de bioscoop of ben je iemand die verkiest om thuis een dvd in de homecinema te steken?
Vroeger, lang geleden dus, gingen jongeren naar de cinema om twee redenen. Ofwel om naar hun lief te kijken, ofwel om zonder lief naar een seksfilm te loeren. Vooral de laatste rij op het tweede balkon was dé plaats om op de tast enige levenservaring op te doen. De cinema was de eerste darkroom, maar dan een heel brave.
Nu lijken veel filmzalen meer op een snackbar waar ook nog een film gedraaid wordt.
In het stadje waar ik woon heb ik het geluk een bioscoop over de deur te hebben. Mijn eigen homecinema, aan de overkant. Utopolis is de naam en dat staat voor movies, moments and more. Wat de bioscoopeigenaars onder die more verstaan wordt al vlug duidelijk als je de kassa passeert en in hun grote snoepwinkel belandt. Het resultaat mag er zijn. Popcorn, frisdranken en snacks worden in reusachtige hoeveelheden aangesleurd.
Je zou denken dat veel mensen de laatste dagen niet gegeten hebben of vrezen dat ze zonder proviand de film niet zullen overleven. De comfortabele zetels in de zaal zijn er bovendien op voorzien. Er is plaats om je drank neer te zetten, alleen een uitklaptafeltje ontbreekt nog. Vooral chipsachtige producten zijn een groot succes. Nu weet ik waar het woord kaskraker vandaan komt. Als je naast zo'n malende of slurpende medemens terechtkomt, krijg je soms de neiging om zijn hoofd in die popcornemmer te steken.
'Ook voorwerpen communiceren', schrijf je in een van je aanbevelingen aan bedrijven. Ik denk dat sommigen je suggesties enthousiast opvolgen.
Film is het samenspel tussen beeld en geluid. Zonder bij te betalen krijg je er nu nog allerlei extra geluiden bij. "Hallo, ja. Ik kan nu niets zeggen, ik zit in de cinema", hoor ik twee rijen verder iemand hardop fluisteren.
"De film", zei Marshall McLuhan ooit, "begeleidde het eerste grote consumententijdvak. De film verspreidde de Amerikaanse levenswijze over de hele wereld, in blik." Hij heeft, ook letterlijk, gelijk gekregen.
Maar waarover zit ik eigenlijk te zeuren? De reden waarom een filmtheater vroeger een bioscoop genoemd werd, is omdat de film de visuele voorstelling geeft van de werkelijke beweging van de levensvormen. Eten, slurpen en telefoneren horen nu eenmaal bij die hedendaagse levensvormen. "Typisch het geklaag van oude knarren die niet meer weten hoe jongeren in elkaar zitten", zegt mijn dochter. "Trouwens, was dat gepaf vroeger dan zoveel beter dan het geknabbel van nu?"
In datzelfde Utopolis organiseert Open Doek jaarlijks een festival waar films uit de hele wereld worden vertoond. Verleden zondag zag ik daar The Road to Guantanamo. De film vertelt het verschrikkelijke verhaal van drie Engelse moslims die, ten onrechte, door de Amerikanen op Cuba werden gevangengehouden en mishandeld omdat ze banden zouden hebben gehad met Bin Laden. Een film om stil bij te worden. Wie kan er nu aan eten denken als men zoveel miserie en onrecht moet doorslikken?
Over enkele maanden wordt deze film, die in Berlijn de Zilveren Beer won, in alle Belgische filmzalen vertoond. Ik hoop dat er veel mensen naar gaan kijken, met of zonder chips. Als ze maar gaan kijken.
Hartelijk,
Jos
Print deze pagina