Columns
Vraag van Margot Vanderstraeten
Tags: Sociale ongelijkheid, Economie
Dag Noël,
Laat me je in de allereerste plaats van harte feliciteren met je jopaschap; je jonge-opa-schap. Dankzij deze bijlage (waarin begin januari drie trotse opa's in de fleur van hun carrière geportretteerd werden) weet je natuurlijk dat je niet de enige gelukkige, jonge grootvader van het land bent. Al moet ik zeggen dat ik vermoed dat je tot de allerjongste opa's van de natie behoort.
Hoe voelt dat, juist boven de veertig zijn, in het midden van je carrière te zitten, en toch al een kleinzoon op de arm dragen? Heb je trouwens al enig idee hoe de jonge Lou jou noemen zal? 'Bompa' hoogstwaarschijnlijk niet; jonge, dynamische grootvaders schijnen te gruwen van die aanspreking, en ik kan me er ook wel iets bij voorstellen. Bompa klinkt jichtig, en als ik bompa zeg, zie ik meteen ook weer die portie hersenen die mijn bompa voor het ontbijt naar binnen schrokte, vlak na dat rauwe ei dat hij leegzoog. Dat was toen de vogelgriep nog niet toegeslagen had en het enige gevaar voor de kippenren in Zonhoven uit een vos bestond.
Hoe komt het eigenlijk dat je zo'n familieman bent en zo uitdrukkelijk voor je huiselijke vreugde uitkomt? Het is opvallend dat jij, als enige, in bijna al je brieven een uitstap naar je gezinsgeluk maakt. Ik meen daaruit te mogen afleiden dat je bewust en hardnekkig veel tijd en energie investeert in het scheppen van die huiselijke warmte. Ben je misschien dubbel zo trots op dat samen gecreëerde familiegeluk omdat je het zelf, als kind, nooit gekend hebt? Je zult het wellicht ontkennen, maar ervaar je je geluk van elke dag niet als een vorm van zoete wraak op jouw ouders? Ze hebben jou, dat heb je nooit onder stoelen of banken gestoken, nooit met enige geborgenheid toegedekt. Loop je daarom zo over van vader-en grootvaderliefde? Geeft die zoete wraak dan een goed gevoel? En wat als zij hun achterkleinkind zouden willen ontmoeten?
Je hoeft op de voorgaande, zeer persoonlijke vragen niet te antwoorden als je daar geen zin in hebt. Dit is niet de bank van de psycholoog, en dit is al evenmin een biechtstoel. Maar, de geboorte van je kleinkind, de psycholoog en de priester leiden me wél naar een ander onderwerp dat ik graag zou aankaarten: de voor en tegens van het advies.
Ik kan me voorstellen dat je dochter, dat alle dochters als ze moeder zijn, van alle mogelijke kanten en op allerlei manieren worden bijgestaan. Moeder en schoonmoeder hebben voor hen goede raad in petto. Kind en Gezin wil kennis en ervaring delen. Een arts vertelt wat ze wel en niet moeten doen. Een diëtist geeft aan hoe ze dit en dat kunnen doen. Ik hoop dat het niet nodig is, maar als het nodig zou zijn, is hij ook te vinden: de psychologische raadgever die de postnatale depressie 'opvangt'. Verder zijn er wellicht nog vader en schoonvader die zinvol financieel advies wensen te geven, of tips voor het huis of de speelbox van de hand willen doen. Om dan nog te zwijgen van de opvoedkundige 'do's and don'ts' die de grootouders achter de hand houden en die al dan niet grondig verschillen van die van Supernanny. Kortom: dochters zijn omringd door goedbedoelend advies en hun gezond verstand zal oordelen welke raadgevingen ze zullen opvolgen en welke ze in de wind zullen slaan.
Dat zou je willen. Maar zo simpel zit het natuurlijk niet in elkaar. Jij bent een beroepsadviseur. Jij moet weten tot wanneer advies efficiënt is en wanneer eigenbelang of, ruimer gesproken, het kapitalisme om de hoek komen kijken. Niet dat ik per definitie tegen het kapitalisme gekant ben, zeker niet, maar ik stel toch vast dat er flink misbruik gemaakt wordt van de weifelende en onzekere mens; van de ambitie van de mens om altijd maar beter succesvoller, kortom 'gelukkiger' te worden. Dat succes geldt dan op allerlei vlakken. Het uiterlijk en het innerlijk kunnen permanent bijgewerkt worden, de relatie met de partner verdient reflectie, die met de hond ook, net zoals die met de plantjes, de kledingzaak, de schoenencollectie, de auto, enzovoort. Alles kan aan een analyse onderworpen worden en al die analyses kosten handenvol geld.
Noël, jij weet beter dan ik dat de adviserende organen en instellingen als champignons uit de grond schieten. Dat er voor elke tekortkoming wel één en meestal tien of twintig verschillende coaches of consultants bestaan en dat, als er coaches of consultants te veel zijn, er met groot gemak enkele nieuwe tekortkomingen bedacht worden, omdat de centen moeten rollen. Last van het innerlijk van je kleine teen? Ga naar de kleineteentherapeut, de kootjesspecialist of de voetpedagoog.
Ach, ik weet eigenlijk niet wat ik je nu concreet wil vragen. Maar ik geloof dat ik wil weten in hoeverre jij denkt dat een mens advies kan inwinnen over het vinden van geluk. En ook deze vraag houdt me bezig: in hoeverre moet een mens zich verzetten tegen al dat geldgewin dat plaatsvindt onderweg naar dat - onvindbare, zo niet vluchtige - geluk?
Het ga je goed,
Margot
Print deze pagina